Brandweer functie

Uit wiki-nl
Ga naar: navigatie, zoeken

Brandweerwagen met DC Car

Elke DC-Car-decoder heeft een ingebouwde brandweer automaat. Deze lijkt op de bus automaat, maar heeft een geheel andere taak en verschillende functies.
Deze automaat laat het uitrukken en blussen volledig automatisch verlopen, en schakelt alle verlichtingsfuncties automatisch.
Met CV100 en CV111 wordt de automatische functie in de decoder geactiveerd.
Natuurlijk kunnen ook andere types hulpverleningsvoertuigen (politie, ambulance, enz.) hiermee worden uitgerust.
De brandweer automaat wordt aangesproken met een Hall sensor in de brandweerwagen en twee magneten in het wegdek.

Bij het gecombineerd gebruik van bus en brandweer hebben we het probleem dat beide op dezelfde magneten reageren.
Dit kunnen we op twee manieren voorkomen:
a. Bij de brandweer monteert u de Hall sensor en de magneten in de weg omgekeerd. (de Hall sensor is polariteit gevoelig: de bus zal alleen op zijn eigen magneten reageren)
b. Of u monteert de Hall sensor bij de brandweer aan de andere kant van het voertuig.

Wat heeft u nodig?

Hlf links.jpg
1x Hulpverleningsvoertuig met DC Car decoder


Zaal fw.png
1x Hall-sensor onder de voertuigvloer


Automatik magnet1.jpg
Twee magneten in het wegdek, de 1e op het punt waar de brandweer uitrukt (bijvoorbeeld de brandweer kazerne).


Automatik magnet2.jpg
de 2e op de plaats van de brand (waar de voertuigen dienen te stoppen)

Er zijn drie mogelijkheden:

1). Eenvoudige brandweer functie (CV111 = 0)


De 1e magneet schakelt de brandweer automaat aan, de zwaailampen lichten en de voorste flitsers worden geactiveerd.
Als u een DC-Car sound module hebt aangesloten, wordt deze ook geactiveerd.
Bij passeren van de 2e magneet, worden de zwaailichten en voor flitsers (en het geluid) weer uitgeschakeld.

Video: Brandweer automaat


2). Geavanceerde brandweer automaat (CV111 = 1 of 123)


De geavanceerde automatische brandweer automaat simuleert een echte brandweer actie. Zodra het hulpverleningsvoertuig de eerste magneet is gepasseerd zullen de zwaailichten, de voor flitsers en het eventuele geluid worden aan gezet en het voertuig zal vol gas (rijstand 28) uitrukken.
Heeft het voertuig de plaatst des onheils bereikt (2 magneet in de weg), dan stopt het en worden de voor flitsers (en eventueel aan gesloten geluid) uitgezet, de zwaailichten blijven branden.
Als CV111 ingesteld is op 123 zal bovendien licht 2 en de in CV112 gedefinieerde licht uitgangen worden aangezet.

De "blus duur" is standaard ingesteld op 20 seconden en kan worden veranderd met CV103.

Na deze periode worden de functies van CV 111 / CV112 en de zwaailampen uitgeschakeld en de linker richtingaanwijzer en het anti botsing systeem geactiveerd.
Het voertuig blijft nog een moment staan om passerende auto's voor te laten gaan en voegt zich daarna weer in het verkeer.
Vervolgs worden de richtingaanwijzers uitgezet en rijdt het voertuig weer mee in de normale verkeersstroom. Het DC-Car anti botsing systeem heeft hierbij gezorgd voor het correct automatisch invoegen.

Er zijn twee manieren van inzet:


1.) Hierbij wordt het overige verkeer tijdens het blussen langs de hulpverleningsvoertuigen geleid. Hiervoor moet CV100 = 10 ingesteld zijn.
De IR LED's aan de achterzijde van de hulpverleningsvoertuigen worden hierbij uitgeschakeld tijdens het blussen. Tevens wordt hiermee de colonne functie geactiveerd.

2) Al het overige verkeer moet wachten achter de blussende brandweer. In dit geval moet CV100 = 11 worden ingesteld.

Video: Verloop van een geavanceerde automatische blusactie

3). Brandweer colonne functie (DC07 / DC08 firmware 10/2014)


Calamiteiten waarvoor meer dan één voertuig nodig is konden in het verleden niet werkelijkheidsgetrouw worden uitgevoerd.
Elk voertuig dat de 1e magneet passeerde moest ook de 2e magneet passeren om de overeenkomstige functies te activeren.
Het zag er heel vreemd uit als ieder voertuig individueel aankomt en vertrekt. Daarom is er een nieuwe functie aan de DC-07 / DC08 toegevoegd.
Het in colonne uitrukken en terug rijden naar de kazerne.

Hiervoor moet elk voertuig in CV100 de waarde 10 heb ingesteld en in CV111 de waarde 1 of 123 .
Het voertuig, dat na het passeren van de 1e magneet (Start de brandweer automaat), als eerste de 2e magneet (plek das onheils) passeert, stuurt automatisch een commando naar de volg voertuigen, die vervolgens dezelfde functies uitvoeren alsof ze de 2e magneet ook waren gepasseerd.
Elke volgende voertuig met boven vermelde instelling voert de functies ook uit.
Na de ingestelde tijd (meestal 20sec.) rijdt het voertuig met matige snelheid en zonder speciale signaal terug naar het startpunt.
Alle voertuigen die nog niet over de 2e magneet waren gereden, gaan dit nu alsnog doen.
Deze magneet wordt nu echter genegeerd zodat de brandweer automaat niet nog eens wordt geactiveerd. Alleen bij een volgende magneet start de brandweer automaat opnieuw.

Brandweer_colonne_automaat
Video: Brandweer colonne functie

Belangrijke CV's voor het gebruik van de brandweer functie


CV100 = specificeert het type voertuig en bepaalt of het anti botsing systeem is in- of uitgeschakeld tijdens op het blussen
Waarde 10 = anti botsing systeem wordt uitgeschakeld op de blus locatie, de colonne functie wordt geactiveerd
Waarde 11 = anti botsing systeem blijft ingeschakeld op de blus locatie
CV101 = knippertijd als er een commando E7 van een Functiebouwsteen wordt ontvangen
CV102 = rijstand waar naartoe wordt afgeremd als er een commando E7 van een Functiebouwsteen wordt ontvangen
CV103 = Bij Functiebouwsteen sturing: Blus tijd in seconde, nadat er een STOP commando door een functiebouwsteen E2 tot E5 is afgegeven. Of: Bij Hallsensor sturing via 2 magneten: Blus tijd in seconden nadat er over de 2e magneet is gereden.
Is deze waarde 0, dan vindt er geen automatisch vertrek plaats.
CV104 = Functiebouwsteen: Tijd in seconden, die het voertuig wacht voor hij weg rijdt, nadat hij een E6 commando van functiebouwsteen heeft ontvangen. Bij Hallsensor sturing: Tijd in seconden, die een voertuig wacht en knippert voor dat het weer wegrijdt. Hierbij wordt het Anti botsing systeem weer ingeschakeld.
CV105 = Functiebouwsteen: Rijstand waarmee vertrokken wordt. Bij Hallsensor sturing: Rijstand waar mee wordt vertrokken na het verlopen van de tijden in CV 103 en CV 104.
CV106 = Functiebouwsteen: Knippertijd voor de linker richtingaanwijzer bij het vertrek van een voertuig. Bij Hallsensor sturing: Na het verlopen van de tijd in CV104 blijft de richtingaanwijzer in geschakeld.
CV107 = De tijd gedurende welke een STOP opdracht wordt geblokkeerd tijdens een automatische vertrek opdracht. Geldt voor Functiebouwsteen E. Hiermee wordt voorkomen dat een voertuig gelijk weer door een STOP opdracht wordt stil gezet.
CV108 = Stop tijd voor functiebouwsteen D1 – D4.
Waarde 0 = Staat stil totdat er een optrek of vertrek opdracht wordt ontvangen.
Waarde 1-63 = Stopt gedurende 1-63 Seconden
CV111 = Schakelt de brandweer functie in
Waarde 0 = eenvoudige brandweer functie
Waarde 1 = geavanceerde brandweer functie
Waarde 123 = geavanceerde brandweer functie, na het bereiken van de tweede magneet wordt licht 2 ingeschakeld tijdens het blussen
CV112 = omschrijving van functies tijdens de stop
Waarde 1 = Linker richtingaanwijzer
Waarde 2= rechter richtingaanwijzer
Waarde 3= alarm lichten
Waarde 4= licht 2
Waarde 5 = licht 3 (Afhankelijk van CV20)
Waarde 16 licht 4 (Afhankelijk van CV20)
Waarde 32 = zwaailichten
Waarde 64 = Voor flitsers
Waarde 128 = koplampen